Rendement berekenen

Wat is het rendement op uw vermogen?

Bereken rendement

Kwartaalbericht

Ontvang de actuele beleggingsvisie

Schrijf in

Impact vertraging wereldwijde groei op eurozone?

1 oktober 2015, Wealtheon

Geschreven door Hans-Peter van Wersch 

Op dit moment zien we een economische vertraging in de opkomende markten en China. Om de zwakke binnenlandse economie te compenseren, wordt de eurozone nog meer afhankelijk van de export naar de Verenigde Staten en het Verenigd Koninkrijk.

De leiders van de eurozone rekenen erop dat een zwakke euro en een sterke wereldwijde groei, de export en de inflatie zal stimuleren ter compensatie van de zwakte van de binnenlandse vraag. Hoe waarschijnlijk is dit? China zal ongetwijfeld niet in een recessie raken maar er is geen twijfel over dat China een periode van veel tragere groei tegemoet gaat. Hiernaast laat vrijwel elke opkomende markt een verzwakking zien, enerzijds door hun afhankelijkheid van China maar ook ten gevolge van een trage productiviteitsgroei. Het besluit van de Amerikaanse Federal Reserve om de officiële rente vooralsnog niet te verhogen is daarbij welkom: een stijging van de rente zou tot een verdere uitstroom van kapitaal uit de opkomende markten hebben geleid. Er is echter geen twijfel over dat de wereldeconomie het moeilijk heeft en dat dit een bedreiging vormt voor het ingezette matige economische herstel van de eurozone.

In de eerste zes maanden van 2015 had de eurozone een handelsoverschot van € 125 miljard terwijl in dezelfde periode van 2011 er nog sprake van een tekort was van € 17 miljard. In de afgelopen vier jaar is de export met 18 procent gestegen tegenover een stijging van de import met slechts 2 procent. De invloed van de netto-uitvoer (export minus import) op de economische groei is enorm. Tussen de eerste helft van 2011 en de eerste helft van 2015 groeide de economie van de eurozone met 1 procent. Zonder de stijgende netto-uitvoer zou de economie van de eurozone gekrompen zijn met 1,3 procent. Kortom, zonder een toename van de wereldwijde groei zou er geen herstel van de eurozone geweest zijn.

Het toenemende handelsoverschot van de eurozone komt niet voort uit de handel met China of andere opkomende markten maar wel uit de handel met de ontwikkelde landen, in het bijzonder de Engels sprekende landen en de grondstof producerende landen. Slechts 7 procent van de toename van de export van de eurozone in de afgelopen vier jaar kan toegeschreven worden aan China. Bijna de helft van de stijging komt voort uit een toename van de handel met de VS, het Verenigd Koninkrijk en Canada. De dalende olie- en andere grondstofprijzen verminderde de waarde van de invoer uit de grondstof producerende landen waardoor we een stijging van de netto-export van de eurozone met deze landen zien. Daarentegen was de netto-export naar China over deze periode negatief aangezien de waarde van de export van de eurozone naar China minder steeg dan de waarde van de invoer uit China toenam.

De eurozone zal desalniettemin zeker de gevolgen ondervinden van de groeivertraging in China en de opkomende markten. De opkomende markten zijn goed voor meer dan een kwart van de export van de eurozone en deze export zal onder druk komen aangezien het concurrentievermogen van de opkomende markten ten gevolge van hun dalende valuta zal toenemen. De netto-export van de eurozone met deze economieën, in het bijzonder China, zal dan verder verzwakken. De vraag is of de VS en het Verenigd Koninkrijk deze vertraging van de opkomende markten voor de eurozone kunnen opvangen.

Zowel de Amerikaanse als Britse economie blijven relatief gestaag groeien en beleggers blijven optimistisch over deze markten. Dit maakt de eurozone echter zeer kwetsbaar voor een vertraging van de groei in de VS en het VK, die zelf ook niet immuun zijn voor een vertraging van de wereldwijde groei.

Ondertussen zijn er weinig signalen dat de binnenlandse vraag in de eurozone voldoende zal aantrekken om een krachtige groei te realiseren. De binnenlandse vraag is het afgelopen jaar toegenomen ten gevolgde van lagere inflatie en energieprijzen die tijdelijk voor een stijging van de inkomens hebben gezorgd. Dit is echter grotendeels een eenmalige impuls. Verder is er geen teken van een toename van de investeringen in de eurozone als geheel. Overheidsinvesteringen nemen niet toe en (mede als gevolg hiervan) ook het bedrijfsleven neemt een afwachtende houding aan.

Het heeft de hoogste prioriteit dat de eurozone zich concentreert op het stimuleren van de binnenlandse vraag. De eurozone kan niet blijven rekenen op een zwakke euro en een sterke wereldwijde economie om de zwakke binnenlandse economie te compenseren. Afgezien van het feit dat de eurozone daarmee enorm afhankelijk is van externe gebeurtenissen, vormt de eurozone zelf – als ’s werelds tweede grootste economische regio – een belangrijke rem op de ontwikkeling van de wereldeconomie.

Na twee bijzonder mooie beleggingsjaren blijven wij in het licht van de hierboven beschreven groei-ontwikkelingen prudent met het alloceren van de beschikbare liquiditeiten in de aandelenmarkten. Dit ondanks ons gematigd positieve oordeel voor aandelen. Onze voorkeur gaat uit naar de ontwikkelde landen, met name de VS, het Verenigd Koninkrijk en in mindere mate de eurozone. 

 


Macro-economie

  Neem contact op

  terug

Meer uit deze categorie