Rendement berekenen

Wat is het rendement op uw vermogen?

Bereken rendement

Kwartaalbericht

Ontvang de actuele beleggingsvisie

Schrijf in

Een nieuw tijdperk

Na bijna dertig jaar dalende renteniveaus in de eurozone lijkt de bodem te zijn bereikt. Hoewel deze trend ertoe leidde dat couponinkomsten geleidelijk aan lager werden, hebben beleggers in Europees schuldpapier al die tijd desalniettemin aantrekkelijke rendementen kunnen behalen dankzij de stijgende obligatiekoersen. Die tijd lijkt nu definitief voorbij. Traditionele strategieën dienen nu aangepast te worden. Hoe wij hiermee omgaan, leest u hierna. Ook kijken wij vooruit naar de risico’s en kansen voor aandelen.

Obligaties: zekerheid of risico

Het is u ongetwijfeld duidelijk dat kwaliteitsobligaties (kredietwaardering BBB en hoger) momenteel een zeer laag rendement hebben. Obligatieleningen werden door de jaren heen immers met steeds lagere coupons in de markt geplaatst. De coupons van recent uitgegeven obligaties zijn amper voldoende om een koersdaling van één tot twee procent te compenseren. Met het vooruitzicht van een stabiele tot licht stijgende rente, geen rooskleurig beeld. Dat obligaties de ‘rots binnen de portefeuille’ zijn, hoort u ons regelmatig zeggen. Wij zijn daarom nimmer bereid (geweest) om obligaties van lagere kwaliteit dan BBB (zogenaamde high yield ofwel junk bonds) in de portefeuille op te nemen, simpelweg omdat de daaraan verbonden risico’s niet opwegen tegen het beperkte extra rendement dat dit type obligaties oplevert. Streeft u naar een hoger rendement, overweeg dan om meer in aandelen te beleggen, indien dit past bij uw risicoprofiel. Dit is en blijft onze stellingname.

Transitie

In de veronderstelling dat het ingezette economische herstel binnen de eurozone doorzet, de ECB grote hoeveelheden aan liquiditeiten creëert en de werkloosheid daalt waardoor op termijn salarissen zullen gaan stijgen, achten wij de kans aanwezig dat de inflatie gaat oplopen, zij het matig. Vooruitlopend hierop zal ook de lange rente stijgen en zullen obligatiekoersen dalen. Hierom hebben wij inmiddels een nieuwe strategie doorgevoerd binnen de obligatieselectie. Obligaties met een lange looptijd werden geruild voor obligaties met een variabele coupon. Verder werd een ‘short’ ETF gerelateerd aan een benchmark obligatie-index aangekocht. Ook brachten wij de weging van obligaties verder terug. Tot slot overwegen wij om obligaties met een koppeling naar de inflatie op te nemen maar gezien het vooralsnog lage inflatieniveau, wachten wij tot deze verder stijgt. Deze strategie reduceert het neerwaartse risico aanzienlijk en vergroot de kans op een positief rendement. 

Kansrijk

De vooruitzichten voor aandelen blijven gematigd positief. Na de spectaculaire start van de aandelenbeurzen in het eerste kwartaal van 2015, hebben de Westerse beurzen in de loop van het tweede kwartaal duidelijk aan momentum verloren. Desalniettemin zijn de resultaten in onze portefeuilles tot op heden zeer aantrekkelijk. Na de positieve beurstrend van de afgelopen tweeëneenhalf jaar en met de zomerperiode voor de deur, lijken beleggers momenteel pas op de plaats te maken. Wellicht is dit het gevolg van het feit dat diverse instituten, waaronder het IMF, onlangs de economische groeiverwachtingen voor toonaangevende landen als de VS en China voor 2016 naar beneden bijstelden. Hierdoor lijkt er meer sprake te zijn van een stabiele (maar bescheiden) dan van een aantrekkende groei. Ook is het mogelijk dat beleggers de cijfers over het tweede kwartaal afwachten, om vervolgens hun beleid hierop af te stemmen.
Beleggers zijn verder bang om hun mooie rendementen te verliezen. Tijdens de beurscorrectie van 2008-2009 verloren veel beleggers aanzienlijke bedragen omdat (de beheerders van) deze beleggers niet tijdig hun aandelen verkochten. Dezelfde beleggers zijn nu bang dat dit weer kan gebeuren, immers, waarom zou men nu ineens wel op tijd (kunnen) verkopen. 

Ondanks het meer ‘neutrale’ economische beeld, blijft het een feit dat de Westerse renteniveaus nog altijd historisch laag zijn. De verwachte rendementen van aandelen blijven daarom zonder twijfel aantrekkelijker dan de rendementen van obligaties. Zoals u van ons gewend bent, houden wij de fundamentele en de technische ontwikkelingen scherp in de gaten en zullen wij reageren wanneer de marktomstandigheden dit verlangen. Wij wensen u een aangename zomer toe!

Wereldeconomie

De economische activiteit in de wereld trekt nog steeds aan. Zowel de IMF- als OESO-prognoses voorzien hogere groeipercentages in 2015 en 2016, respectievelijk 3,5% en 3,8%. Waar in de afgelopen jaren de Verenigde Staten en de Opkomende Markten, zoals China en India, hierin de grootste bijdrage hadden, wordt de groei inmiddels breder ondersteund door met name Europa. Desalniettemin is de groei nog bescheiden te noemen in vergelijking met de periode voor de kredietcrisis. Hiernaast is deze vooral monetair gedreven, doordat toonaangevende centrale banken de rente nog steeds kunstmatig laag houden. Dit monetair stimuleren lijkt in de vorm van economisch herstel voor de korte termijn haar vruchten af te werpen, maar het is nog onduidelijk wat de effecten op langere termijn zullen zijn. De consumentenbestedingen nemen weer toe hetgeen zeer positief is aangezien dit het gevolg is van toenemend vertrouwen. Maar een zeer belangrijke component voor langdurige economische expansie ontwikkelt zich nog te beperkt, te weten: bedrijfs- en overheidsinvesteringen. Zowel ondernemers als overheden hebben nog steeds een beperkte investeringsbereidheid ten opzichte van de periode voor de kredietcrisis en dit tempert de groeiverwachtingen. De redenen voor deze investeringsaversie verschillen per regio.

Verenigde Staten

Eind mei werd het cijfer voor de groei van de Amerikaanse economie over het eerste kwartaal 2015 bekend gemaakt. Het werd als teleurstellend beschouwd. Ten opzichte van het vierde kwartaal van 2014 bleek de economie te zijn gekrompen met 0,7%, wat voornamelijk aan de strenge winter toegeschreven werd. Ten opzichte van het eerste kwartaal van 2014 was er nog steeds sprake van een groei van 2,7% maar het is duidelijk dat de Amerikaanse economie aan vaart verloren heeft. Hoewel door vele economen wordt verwacht dat deze vertraging tijdelijk zal zijn, heeft het IMF voor de VS zijn groeiprognose voor 2015, inmiddels voor de tweede maal in 3 maanden, naar beneden bijgesteld tot 2,5%. Met name de hoge dollarkoers, de grootscheepse havenstakingen in het eerste kwartaal en de desinvesteringen in, de voor Amerika belangrijke, oliesector zorgen voor een drukkend effect op de groeiramingen. Het is mede hierom dat het IMF de Amerikaanse Centrale Bank (FED) onlangs heeft geadviseerd om dit jaar nog niet over te gaan tot een verhoging van de rente. Zij raden aan om door te gaan met het ruime monetaire beleid totdat er meer bevestiging komt van een robuust herstel in combinatie met hogere inflatie en lonen. 

In ons vorige kwartaalbericht vermeldden wij dat de Verenigde Staten een gematigde groei (en inflatie) zal kennen en wij houden vast aan deze visie. Als deze visie uitkomt dan zal de FED de rente tot in 2016 ongewijzigd kunnen laten.

Eurozone

Te midden van verontrustende geopolitieke ontwikkelingen - zoals de oorlog in Oekraïne, de sancties tegen Rusland en de opmars van terroristische bewegingen als IS - komt een speciale plaats toe aan de op het scherp van de snede gevoerde onderhandelingen over de voorwaarden voor verdere  financiële hulpverlening aan Griekenland, met een exit uit de eurozone als mogelijke uitkomst. Ondanks de onzekerheden komt de economie in de eurozone weer enigszins op stoom. De groei in de eurozone bereikte in het eerste kwartaal een niveau van 1%. De verwachtingen voor geheel 2015 en 2016 zijn inmiddels door het IMF verhoogd naar respectievelijk 1,5% en 1,7%. Deze ontwikkeling is mede het gevolg van het stimulerende beleid van de Europese Centrale Bank (ECB). De mede hierdoor gedaalde wisselkoers van de euro (positief voor de exporten), en de lage olieprijs dragen bij aan het herstel. Als gevolg hiervan is het gevaar van deflatie in de eurozone afgenomen en is er inmiddels weer sprake van een (gematigde) inflatie van 0,3%. Volgens de ECB zal de inflatie in Europa verder stijgen tot 1,5% in 2015 en 1,8% in 2016. Hiermee zou de inflatiedoelstelling voor de eurozone weer gehaald worden, waarna het opkoopprogramma van Europese obligaties door de ECB in principe afgebouwd of gestopt kan worden. Vooralsnog is hier volgens ECB-voorzitter Mario Draghi geen sprake van en zal de ECB dus doorgaan met het maandelijks opkopen van obligaties ter waarde van € 60 miljard per maand.

Evenals de Verenigde Staten kent ook de eurozone een achterstand op het gebied van bedrijfs- en overheidsinvesteringen. Dit wordt voornamelijk veroorzaakt door de terughoudende opstelling van de banken bij het verlenen van nieuwe kredieten aan vooral het midden- en kleinbedrijf. Zeer positief is dat het ondernemersvertrouwen flink is gestegen, ongetwijfeld gesterkt door een krachtig herstel van de consumentenbestedingen. Als dit leidt tot hernieuwde investeringsbereidheid in Europa dan zal het financieringsprobleem opgelost moeten worden. Aangezien de financiële ruimte bij banken als gevolg van regelgeving hiervoor te beperkt is, zal er meer en meer beroep gedaan worden op  financiële markten en onderhandse financieringsbronnen. Dit is in de Verenigde Staten al decennia lang gebruikelijk maar voor Europa nog een relatief nieuwe ontwikkeling. 

Japan

De Japanse economie is in het eerste kwartaal sterker gegroeid dan verwacht. De economie groeide op jaarbasis met 1,9%, ten opzichte van 1,4% in het vierde kwartaal van 2014. In doorsnee rekenden economen op een groei van 1,5%. De expansie was onder meer te danken aan het opbouwen van voorraden door fabrieken en een groei in bedrijfsinvesteringen. Hiernaast boekte Japan in april, voor het eerst in drie jaar, een handelsoverschot als gevolg van een sterk gestegen export en een afnemende import. Hoewel de economische situatie dus verbetert, blijft Japan nog duidelijk achter op de wereldeconomie met groeiprognoses voor het BNP in 2015 en 2016 van respectievelijk 0,7% en 1,5%.

Pacific

In Australië is dit jaar de export van ijzererts gestegen tot een 'alltime high', door een toegenomen aanbod aan laaggeprijsd ijzererts van de grote producenten en een toegenomen vraag uit China, de grootste importeur van de grondstof. Verwacht wordt dat dit een tijdelijke ontwikkeling is, aangezien de vraag uit China op termijn zal afnemen in lijn met de lagere groeiprognoses van het land. Hiernaast kampt de ijzerertssector nog steeds met een overaanbod van producenten, dat is ontstaan in de hoogtij-jaren van de Chinese economie. Voor de gehele Pacific wordt in de komende jaren nog steeds een expansie van ± 3% verwacht en daarmee zitten ook landen als Hong Kong en Nieuw-Zeeland op een acceptabel groeipad.

Opkomende landen

Waar in de afgelopen jaren de belangrijkste bijdrage aan de wereldeconomie van landen als China, India, Rusland en Brazilië kwam, is het momentum nu steeds meer aan het verschuiven naar de Westerse economieën. In China maakt de industrie plaats voor de dienstensector en benadert de economie een volwassen stadium met als gevolg een lager groeitempo. Rusland en Brazilië verkeren in een recessie om uiteenlopende redenen en India (premier Modi) zal haast moeten maken met het hervormen van het belastingstelsel en het tegengaan van corruptie en bureaucratie om de hoge groeiverwachtingen te kunnen vasthouden. 

Valuta

De valutaverhoudingen in de wereld zijn van grote invloed op de economische ontwikkelingen. Zo wordt een belangrijk deel van het herstel in de eurozone toegeschreven aan de lage eurokoers ten opzichte van de Amerikaanse dollar. Voor de dollar verwachten wij een verdere appreciatie ten opzichte van de euro als de Amerikaanse economie later dit jaar opnieuw aantrekt, zoals algemeen wordt voorspeld. Dit kan nog versterkt worden, indien Griekenland de eurozone moet verlaten, hetgeen de euro verder onder druk zal zetten.

Obligaties

In ons vorige kwartaalbericht schreven wij dat het einde van de rally op de obligatiemarkten dichtbij was gekomen en dat beleggers zich moesten voorbereiden op neerwaartse koerscorrecties. Dit beeld is kort daarop bevestigd, aangezien eind april 2015 de rente op 10-jarige Duitse staatsobligaties plotseling sterk is gestegen. Van een dieptepunt van 0,05% werd begin juni tijdelijk een niveau van ± 1% bereikt. In zijn laatste toespraak voor het schrijven van dit kwartaalbericht bevestigde ECB-voorzitter Draghi dat de volatiliteit van de obligatiemarkten is gestegen maar dat hij dit vanzelfsprekend vindt bij de huidige lage rentestand en dat de ECB niet van plan is om hierin corrigerend op te treden. Deze uitspraak leidde prompt tot een nieuwe rentestijging. Wealtheon voorziet voor het komende jaar, in lijn met het eerder vermelde economische herstel, een verdere stijging van de rente in Europa, zij het in beperkte mate. Vooruitlopend hierop is door ons de gemiddelde looptijd van de obligatieportefeuille verder verlaagd om hiermee het toekomstige renterisico te beperken. Andere maatregelen werden reeds op pagina 1 van dit kwartaalbericht belicht. Indien de rentestijging aanhoudt, zal deze strategie verder aangescherpt worden.

Aandelen

De aandelenmarkten hebben na de ongekende koersstijgingen van het eerste kwartaal een rustpauze ingelast. Hoewel het vertrouwen in aandelen onverminderd groot is, is de markt zich in toenemende mate bewust van de lange koersrally die aandelen in de afgelopen 6 jaar hebben ondergaan. Wij benadrukken dat louter een lage rente niet eindeloos kan zorgen voor stijgende koersen maar dat een groei van de bedrijfswinsten hiervoor de basis is. Deze groei wordt in de komende jaren verwacht met als waarschijnlijk gevolg een minder ruim monetair beleid en verder oplopende rentestanden. Dit past geheel in het beeld van een aantrekkende economie, waardoor aandelen nog steeds de voorkeur krijgen boven obligaties. Het heeft onze aandacht dat de waardering van aandelen inmiddels bovengemiddeld hoog is, waardoor de kans op neerwaartse correcties groter is geworden, mede afhankelijk van geopolitieke ontwikkelingen in de wereld. Echter, indien onze verwachting dat de bedrijfswinstgroei gaat accelereren uitkomt, dan zal – afhankelijk van het tempo van de beurzen - de waardering van aandelen stabiliseren of zelfs kunnen afnemen.

Conclusie

De wereldeconomie zal in 2015 en 2016 verder aantrekken met een grotere rol voor de Westerse landen. Structurele hervormingen worden in sommige landen geleidelijk aan doorgevoerd. Een hernieuwde investeringsdrang van overheden (welke momenteel ontbreekt) en het bedrijfsleven zou zeer welkom zijn. Geleidelijk wordt dan de basis voor een langdurig herstel gevormd. Op basis van het reeds ingezette herstel verwachten wij een normalisering van de inflatie en een licht oplopende rente. Voor obligatiebeleggers biedt dit in eerste instantie neerwaartse druk op de koersen maar in een later stadium ook verbeterde aanvangsrendementen. De nadruk in ons beleid ligt vooralsnog op aandelen, gezien het groeipotentieel en de beperkte keuze aan alternatieven. Wealtheon zal echter niet aarzelen om bij tussentijdse onrust tijdelijk een risicomijdende koers te varen.