Rendement berekenen

Wat is het rendement op uw vermogen?

Bereken rendement

Kwartaalbericht

Ontvang de actuele beleggingsvisie

Schrijf in

Onze Visie

Vertraging zonder recessie 

                                               

U kent ongetwijfeld het gezegde What goes up, must
come down.
In het laatste kwartaal van 2018 zagen wij
dit fenomeen vertaald in de dalende beurs. Omdat de
wereldbevolking nog altijd groeit en de meeste landen
een consumptie-gedreven economie hebben, maken wij
als belegger graag gebruik van een tijdelijke beursdaling,
in de verwachting dat beurzen weer zullen herstellen,
mits de economische vooruitzichten dit ondersteunen.
In dit kwartaalbericht lichten wij toe hoe wij voor u
omgaan met de huidige risico’s en kansen.

Rente

Het zal u niet ontgaan zijn dat de rentes in de eurozone, de Verenigde
Staten en Japan nog altijd erg laag zijn. Wellicht heeft u een lening
op uw portefeuille genomen en geprofiteerd van de aantrekkelijke
kredietvoorwaarden. De lage rentes zijn nog altijd het gevolg van de
monetaire stimulans die de betreffende centrale banken in het leven
riepen om het economisch herstel te ondersteunen.
In de VS heeft de FED dit beleid beëindigd en een aantal renteverhogingen
doorgevoerd. In de eurozone heeft de ECB het stimulerend
beleid afgebouwd maar de rente niet verhoogd. De FED is in onze ogen
momenteel beter gepositioneerd omdat zij de rente weer zal kunnen
verlagen wanneer de Amerikaanse economie te veel terug dreigt te
vallen. De ECB bevindt zich helaas niet in een dergelijke positie.
Door de lage rentes leveren obligaties nog altijd een laag rendement
op – reden voor ons om aandelen boven obligaties te verkiezen.

Inflatie

Een belangrijke reden waarom de rentes zo laag blijven, is de
afwezigheid van een hogere inflatie dan die we vandaag kennen.
Momenteel ligt de inflatie in de eurozone rond 1,5% en in de VS
rond 1,6%. Ondanks de dalende werkloosheid in beide regio’s en
de ingezette stijging van de lonen, is het effect hiervan op het totale
inflatiecijfer zeer beperkt. Ook de impact van de grondstofprijzen,
waaronder olie, op de inflatie blijft door de stabiele prijsontwikkeling
uiterst gering. U kunt op de volgende pagina’s meer lezen over onze
visie op rente en inflatie.

Economie

De OESO heeft recent de groeiverwachtingen voor diverse regio’s
verlaagd. Spanningen op handelsgebied en politieke onrust – waaronder
die rond een dreigende Brexit – waren de belangrijkste redenen.

De eurozone ligt er uiterst matig bij. Wellicht dat de aangekondigde
Duitse overheidsinvesteringen wat steun zullen bieden en een bredere
recessie zullen helpen voorkomen. De VS blijft voor ons toch nog
altijd een aantrekkelijke economie, ook al neemt ook hier de groei af.
President Trump kondigde recent aan dat hij over een periode van 10
jaar USD 2.700 miljard wil bezuinigen. Hierbij wil hij USD 750 miljard
investeren in defensie en een kleine USD 9 miljard aan het bouwen van
‘een muur’. De bezuiniging is enerzijds een goede zaak om het stevige
overheidstekort op termijn terug te dringen. Anderzijds betekent dit dat
deze bezuiniging ergens vandaan moet komen: minder ambtenaren,
minder overheidsinvesteringen, meer belastingen,... Desalniettemin
blijven wij de VS vooralsnog boven de eurozone verkiezen.
Hiernaast richten wij ons op Azië waarbij China en Hongkong deel
uitmaken van onze beleggingen. Ook de opkomende markten in Azië achten wij kansrijk.

Onze focus

Aandelen blijven interessanter dan obligaties. Weliswaar is het
koersverloop volatieler maar zolang er voldoende groeiregio’s zijn,
bieden aandelen de beste kansen. Dit is de reden dat wij de liquiditeiten
die wij sinds de zomer van 2018 opbouwden in de portefeuilles, in
het eerste kwartaal van 2019 weer grotendeels belegd hebben. Wij
houden hierbij vast aan een focus op bedrijven die een sterk product
hebben, behoren tot de wereldtop en in staat zijn om door middel van
een krachtige research & development aan de top te blijven. Binnen
de sectoren verkiezen wij de consumentensectoren, de farmaceutische
industrie, technologie en industrie. Zoals u gewend bent, zorgen wij
voor een goede spreiding, wat bijdraagt aan een lager risico.

 

Wereldeconomie

De economische groei in de wereld is in
de afgelopen periode duidelijk verzwakt.
Tekenen van een aanstaande recessie zien
wij echter nog niet. De voorlopig laagblijvende
rente in met name de ontwikkelde economieën
ondersteunt deze verwachting. Het is niet
uitgesloten dat de groei in de komende 2 jaar aanhoudt, zij het in een
gematigd tempo. Voor dit jaar voorzien wij een groei van 3,3%. Voor
2020 wordt dit 3,4%.
De meeste ontwikkelde landen lopen tegen hun capaciteitsgrenzen aan.
Dit is de belangrijkste oorzaak van de afzwakkende groei. Hiermee lijken
deze landen het einde van hun conjunctuurcyclus te hebben bereikt. Een
verkrapping van de arbeidsmarkt duidt hierop.
Ondanks het feit dat in veel ontwikkelde landen de werkloosheid
fors is gedaald - in sommige landen is zelfs sprake van arbeidskrapte -
blijven grote loonstijgingen vooralsnog uit. Hiermee blijft de stijging
van de inflatie vooralsnog beperkt.

In de afgelopen periode is de groei van de consumentenbestedingen
in veel landen afgenomen. Aangezien de particuliere consumptie een
belangrijke component van de totale economie is, soms wel 70%, is
de invloed hiervan direct merkbaar.

Wij betwijfelen of overheden in staat zijn om de consument te stimuleren
tot significant meer bestedingen. Veel opties zijn er namelijk niet. In
diverse landen is monetaire stimulering een gepasseerd station. Dat
geldt zeker voor de ontwikkelde economieën waar de rentestand in
sommige landen bijna nul is. Een alternatief is stimulering via het
begrotingsbeleid, maar daarvoor moet men wel budgettaire ruimte
hebben. Binnen de eurozone hebben landen als Italië en Griekenland deze ruimte niet. 

Ook Frankrijk - met een verwacht budgettekort van
3,2% voor 2019 - heeft de Europese norm overschreden. Nederland en
Duitsland hebben deze ruimte wel.
In de opkomende markten is eveneens sprake van een afnemende
economische groei. Het terugschroeven van het monetaire stimuleringsbeleid
is hiervan de oorzaak. Bovendien worden investeerders
voorzichtiger, mede gelet op de vele onzekerheden die de financiële
markten bezighouden.
De dalende groei van de wereldhandel, de mogelijk escalerende
handelsoorlog tussen de Verenigde Staten en China en de kans op een
Brexit zijn niet bepaald gunstig voor het investeringsklimaat. Zolang
er geen definitieve oplossingen zijn voor deze conflicten is een verder
remmend effect op de groei van de wereldeconomie niet uitgesloten.
Zover is het naar onze mening nog niet, maar het is wel een element
om rekening mee te houden in ons beleggingsbeleid.

Verenigde Staten

De Amerikaanse economie groeide in 2018 met 2,9%. Dat is meer dan
de 2,6% raming die economen gemiddeld verwacht hadden. In het
derde kwartaal bereikte de groei met 3% van jaar tot jaar haar hoogtepunt.
Dit meevallende cijfer werd positief beïnvloed door de sterke
stijging van de bedrijfsinvesteringen. Niettemin begint de economie in
de VS verschijnselen van vermoeidheid te tonen. Dit constateren wij
in de door ons gevolgde macro-economische indicatoren. De verkopen
van zowel nieuwe als bestaande huizen dalen. De groei van de consumentenbestedingen
neemt af en het aantal nieuwe banen loopt terug.
Hoewel het allemaal nog niet dramatisch is, lijkt de FED zich zorgen
te maken over de toekomstige groei. Wij verwachten dan ook dat de
geplande renteverhogingen voor dit jaar niet door zullen gaan.

Eurozone

Na een uitstekend 2017 werd de eurozone in 2018 geconfronteerd met
een sterke groeivertraging, met name in het derde en vierde kwartaal.
Belangrijkste oorzaken waren de problemen in de auto-industrie, welke
zorgden voor een rem op de productie. Maar ook het dalend vertrouwen
bij ondernemers, de Brexit en de handelsspanningen waren in de
afgelopen periode debet aan de groeivertraging. Beliep de economische
groei in 2017 nog 2,5%, in 2018 was dit percentage 1,1%.
Wij verwachten niet dat deze trend in 2019 wordt voortgezet. De nog
immer lage rentestand in de eurozone zorgt ervoor dat ook dit jaar sprake
zal zijn van een stabiele groei. Een grote zorg voor de eurozone blijft de
Duitse economie welke terugviel in het 3e en 4e kwartaal van 2018. Ook
de Italiaanse economie kwam in 2018 bijna geheel tot stilstand.

Japan

Met een groei van 0,3% van jaar tot jaar in 2018 stelde de Japanse
economie opnieuw teleur. Na eerder uitstel, is premier Abe van plan om de BTW in oktober te
verhogen van 8% naar 10%. De oorspronkelijke planning was 2015.
Ter herinnering: in 2014 werd de BTW al verhoogd. De consument
hield vervolgens de hand op de knip, wat uitmondde in een recessie.
Uit vrees voor herhaling is sindsdien de BTW-verhoging tweemaal
uitgesteld. Premier Abe heeft dringend geld nodig om de enorme
staatsschuld van ruim 250% van het BNP terug te dringen. Met de
zeer matige economische groeiverwachting voor 2019 en 2020 kan
een recessie niet uitgesloten worden.

China en opkomende landen

Ondanks het ingezette handelsconflict vielen de Chinese groeicijfers
niet tegen. Over geheel 2018 beliep de groei 6,6%. Niettemin is dit
cijfer het traagste groeicijfer in 28 jaar. Door het handelsconflict met
de VS neemt de internationale vraag naar Chinese producten af.
Hiernaast daalt het vertrouwen van de consument, wat onder meer tot
uitdrukking komt in 6% minder autoverkoop; 6% lijkt niet veel maar
dat is het wel waar het de grootste automarkt ter wereld betreft. De
aangekondigde maatregelen van de overheid om via belastingverlagingen
en meer ruimte voor kleinere bedrijven om te lenen, zullen tijd
nodig hebben om effect te sorteren. Wij verwachten dat de groei in
2019 verder afneemt en schatten deze op 6,2%. India presenteerde over 2018 met een groei van 7,4% opnieuw zeer
positieve cijfers. In tegenstelling tot China blijven de vooruitzichten
goed. De regering Modi wil van India een wereldspeler maken. De
ingrediënten hiervoor zijn gunstig. Ondernemerschap zit bij de Indiërs
ingebakken, bijna de helft van de bevolking is jonger dan 25 en
goed opgeleid. Een groot gedeelte van de bevolking is arm, dus het
groeipotentieel is groot. Uitdagingen voor de overheid zijn de matige
infrastructuur en de bureaucratie. Voor dit jaar gaan wij uit van
eenzelfde groei als in 2018.

Conclusie

Wij stellen vast dat zowel in de ontwikkelde als de meeste opkomende
economieën de economische groei vertraagt. De opkomende landen
hebben te maken met een mindere bereidheid van ondernemers om
te investeren terwijl de economieën in de ontwikkelde landen tegen
hun capaciteitsgrenzen lijken aan te lopen. Tevens is sprake van een
dalende groei van de wereldhandel. Indien de handelsbesprekingen
tussen de VS en China niet goed uitpakken of er komt een harde
Brexit dan is het niet uitgesloten dat de groei nog verder vertraagt.
Overheidsbegrotingen in veel landen en de middelen van de centrale
banken bieden nauwelijks meer ruimte tot stimulering. Hiermee moet
de belegger rekening houden.

Obligaties

We hebben onze ramingen voor de korte
en lange rente in Europa opnieuw verlaagd.
Dit heeft vooral te maken met de zwakkere
ontwikkeling van de wereldeconomie en in het
bijzonder die van de eurozone economie.
Een lagere economische groei in Europa leidt tot minder opwaartse
druk op de inflatie. De ECB meldde na de laatste bestuursvergadering
in maart dat de rente dit jaar nog onveranderd blijft. Ook komt er een
nieuwe serie langetermijnleningen ter beschikking van banken om
hun uitleenpotentieel te vergroten, hoewel tegen minder gunstige
voorwaarden dan voorheen. Ook de herbelegging van de vrijvallende
obligaties die de ECB heeft opgekocht zal langer aanhouden. Kortom,
de toon was duidelijk meer verruimingsgezind. Hierdoor daalde de
rente op tien-jaar Duitse staatsobligaties. De ECB verlaagde ook haar
groei- en inflatieprognoses. In het vragenuurtje na de vergadering
klonk ECB-president Mario Draghi ook verruimingsgezind. Dachten we
voorheen dat de eerste renteverhoging in het eerste kwartaal van 2020 een feit zou zijn, nu denken we aan de tweede helft van volgend jaar
en wellicht pas in het laatste kwartaal. Gevolg van de gewijzigde visie
is dat de Euribor-rentes tot ver in 2020 rond hun huidige lage niveau
zullen blijven liggen.

Aandelen

Met name president
Trump zorgde in het
eerste kwartaal 2019
voor een positiever
sentiment, door overwinningen
zoals de
bouw van de Mexicaanse muur te vieren als
een ‘groots’ succes. Ook zijn vele tweets over
de onderhandelingen met China hebben
beleggers over de streep getrokken om weer
in te stappen.
Door de lagere rente, de dalende inflatie en
de aantrekkende markten is de Wealtheon
risicobarometer voor aandelen van ‘gematigd
negatief ’ naar ‘positief ’ opgelopen. De in
het laatste kwartaal 2018 opgebouwde
liquiditeitspositie hebben wij ingezet
om te profiteren van de herstellende
aandelenmarkten. De forse onderweging in
de financiële sector is teruggebracht naar licht
onderwogen door aankopen van ING Bank,
Allianz en Bank of America. De Informatie
Technologie sector presteerde wederom het
beste bij het herstel en ook in deze sector
hebben wij de belangen verhoogd door
aankopen van ASML, Apple en Tencent
Holdings; bekende namen voor u als
belegger bij Wealtheon. Rio Tinto liet in de
maand januari een rally zien van ruim 16%
wat ons heeft doen besluiten om winst te
nemen. Het werd vervangen door twee
Amerikaanse aandelen Vulcan Materials en
Albemarle: beide zogenaamde grondstof/
chemie aandelen waar wij voldoende
potentie in zien. Gelet op het feit dat de
Europese economie zich in een later stadium
van de cyclus bevindt handhaven wij de
onderweging in Europese aandelen ten
voordele van de VS en de Pacific.

UBO-REGISTER: de stand van zaken

Zoals u wellicht weet, houdt het UBO-register de gemoederen al geruime tijd bezig. Op grond van de vierde anti-witwasrichtlijn zijn Europese
lidstaten verplicht om een centraal register in te voeren met informatie over “Ultimate Beneficial Owners” (UBO’s). Hiermee wordt beoogd om
de uiteindelijk belanghebbende natuurlijke personen van vennootschappen en andere juridische entiteiten (trusts etc.) in kaart te brengen ter
voorkoming van witwassen en terrorismefinanciering. Er moet daarbij sprake zijn van een belang van ten minste 25%.
De verplichting om een UBO-register te hebben, geldt voor alle EU-lidstaten. Veel lidstaten hebben al een werkend UBO-register (zoals Frankrijk).
In België is de UBO-wetgeving op 31 oktober 2018 in werking getreden en moeten UBO’s vanaf 30 september 2019 aan de registratieplicht voldoen.
In Nederland wordt het definitieve wetsvoorstel in maart 2019 verwacht. Het Nederlandse UBO-register zal naar verwachting voor iedereen
toegankelijk worden via het Handelsregister van de Kamer van Koophandel. In België is dat beperkt tot de gegevens van vennootschappen.
De toegankelijkheid van het UBO-register betekent in elk geval dat gegevens over financiële belangen en zeggenschap deels openbaar zullen worden.
Dat niet iedereen hier blij mee is, blijkt uit de toegenomen belangstelling voor privacy-structuren en het anonimiseren van vermogen. Mocht u
over het UBO-register van gedachten willen wisselen, dan horen wij dit graag.